Leuk om die foto’s uit de oude doos te zien. Wat een jonge koppies en als ik eraan terugdenk...wat een gedrevenheid. Staaf (toen nog met Johan Ruijssink en Alex Grünewald) met de ambitie om het Haagse een arena, een gezellige tent en een kweekvijver te bieden. Erwin Tromp, Jeffrey Salimin, Xavier Karis, Niels Feijen en ik, om een paar namen te noemen, hongerig om de top te bereiken.
Voor de oprichting van Hague 5 werd er in Den Haag louter in de shops en kroegen gespeeld. 8-ball, al dan niet last-pocket, winnaar blijft staan. Altijd op kleinere tafels, vaak met een grote witte bal. In de rest van Nederland speelde men al 9-ball op een 9-voettafel, maar wij in het Haagse bekwaamden ons nog wat meer in driebanders, flik-flak en een gezonde dosis bluf en bravoure; dat hoorde bij de scene.
Toen de Hague 5 openging en we in de zomer van ’94 onze eerste schreden op het nationale strijdtoneel waagden, was dat een houding die we cultiveerden. Ik herinner me de NPF-cup in Woensel, waar we met een man of veertig aardig de toon zetten. Beetje afzeiken, veel lawaai maken en vooral erg assertief. In een decider tussen Jean Willemsen en Johan Ruijssink, callde Recep Kadioglu een touché van Johan....ahum, ahum, dacht het niet. Alle Hagenezen begonnen te joelen en Erwin Tromp kwam naar voren om zijn over-mijn-lijk-houding te demonstreren. Uiteindelijk werden Niels, Johan en Erwin tweede.
Dat eerste jaar ging het snel met de aspiraties. Rico Diks en Sjaak Kort waren regelmatig in Den Haag en kregen ook regelmatig klop. We speelden toen een straightpool ranking-cyclus, waar alle Hague 5 toppers, Niels, Robert Nijkamp, Xavier Karis en ikzelf, van Diks wisten te winnen. Op de landelijke toernooien waren we sterk, zowel individueel als collectief en klopten hard op de deur van de winners circle. We volhardden. Ik speeldde zoveel mogelijk huistoernooien en moneygames en Niels deed noest zijn oefeningen....100x dit, 250x dat en 10 push-ups voor een gemiste bal. Ik weet nog goed, dat ik eens binnenkwam en Grünewald in de hoek zag staan, handen in de zij en hardop tellend:”8,9,10!”. Het daagde me pas toen ik Niels vanachter de tafel omhoog zag komen. Zijn push-ups gedaan en klaar voor een volgende rits oefeningen. Op wat voor manier dan ook, Hague 5 heeft aan de wieg gestaan van meerdere kampioenen, Mo Hakim en ook Pepijn de Wit zullen in de toekomst hun duit nog wel in het zakje doen.
Met de verhuizing naar de Gortstraat heeft Hague 5 niks ingeboet aan sfeer. Het is nog steeds (of meer dan ooit) één van de meest authentieke, old-school, keusport-liefhebbende zalen. Als ik daar binnenloop weet ik, of voel ik, waarom ik verknocht ben aan pool en aan Den Haag. De mensen, zij het Staaf of Angela, of Bas Bost of Bob of één van de nieuwe jongens met aspiraties...iedereen is gezellig en ademt passie voor pool. Het is niet voor niets, dat ook Niels weleens binnenwipt en Sandor Tot altijd, als hij in de buurt is. Om Rigter en van Leeuwen, het dubieuze duo van weleer, te parafraseren:”WE GAAN DOOR!!”